Help me een full-stack applicatie te maken met een micro-frontend architectuur.
description
Door gebruik te maken van een micro-frontend architectuur, kun je de schaalbaarheid en onderhoudbaarheid van je applicatie verbeteren, waardoor verschillende teams gelijktijdig aan verschillende delen kunnen werken en snellere deployments mogelijk zijn.
prompt
try_prompt
Ik wil een full-stack applicatie bouwen die gebruikmaakt van een micro-frontend architectuur. Mijn frontend technologie is {{frontend_technology}} en mijn backend technologie is {{backend_technology}}. Geef een ... more
generate_helper
...
ai_answers
provider: openai
model: gpt-4.1-nano
Natuurlijk! Hier is een gedetailleerde uitleg over het opzetten van een micro-frontend architectuur met React voor de frontend en Node.js voor de backend:
1. **Structuur van de Micro-Frontends**
- **Indeling in onafhankelijke modules:** Verdeel je frontend in meerdere kleinere React-applicaties (micro-frontends), elk verantwoordelijk voor een specifiek domein of feature (bijvoorbeeld: gebruikersbeheer, productcatalogus, winkelwagen).
- **Zelfstandige deployment:** Elke micro-frontend moet als een zelfstandige app kunnen worden ontwikkeld, getest en gedeployed. Ze kunnen bijvoorbeeld worden opgebouwd als aparte repositories of mappen binnen één mono-repo.
2. **Integratie en Routing**
- **Shell-app of container:** Bouw een hoofdpagina (shell) die de micro-frontends laadt. Deze kan bijvoorbeeld gebruik maken van een framework zoals Module Federation van Webpack, of een orchestrator zoals Single-SPA.
- **Routingstrategieën:**
- **URL-based routing:** Gebruik bijvoorbeeld React Router in de shell om paden te definiëren die leiden naar specifieke micro-frontends (bijvoorbeeld `/gebruikers`, `/producten`).
- **Lazy loading:** Laad micro-frontends dynamisch bij navigatie om de initiële laadtijd te verminderen.
- **Isolatie:** Zorg dat elke micro-frontend zijn eigen scope en styling heeft, bijvoorbeeld met CSS Modules of Shadow DOM.
3. **Communicatie tussen Modules**
- **Event-driven communicatie:**
- Gebruik een gedeeld event-bus of pub/sub systeem (bijvoorbeeld via `window.dispatchEvent` en `window.addEventListener`) om berichten tussen modules uit te wisselen.
- Dit houdt de modules losgekoppeld en bevordert flexibiliteit.
- **Shared state of gegevens:**
- Voor gedeelde data kun je een centrale state management gebruiken (bijvoorbeeld Redux of React Context) in de shell, of een externe state management service.
- Voor minder complexe communicatie kan je ook URL-parameters of localStorage/sessionStorage gebruiken als gegevensdragers.
- **API communicatie:**
- Elke micro-frontend communiceert met de backend via REST API of GraphQL endpoints op je Node.js server.
- Zorg voor een consistente API-structuur en authenticatie.
4. **Deployment Overwegingen**
- **Individuele deployments:** Elke micro-frontend kan worden opgebouwd en gedeployed als een aparte statische site (bijvoorbeeld via CDN of cloud storage) of als een container in een Docker-omgeving.
- **Versionering:** Houd rekening met versiebeheer van micro-frontends, zodat je compatibiliteit kunt garanderen.
- **Caching en CDN:** Gebruik CDN’s voor snelle distributie en cache-instellingen om herhaald laden te optimaliseren.
- **Integratie van micro-frontends in de shell:**
- Laad micro-frontends dynamisch via `<script>`-tags of via Module Federation.
- Gebruik bijvoorbeeld Webpack 5 Module Federation, waarmee modules kunnen worden gedeeld en dynamisch geladen zonder volledige herbouw van de hele app.
5. **Aanvullende overwegingen**
- **Styling en isolatie:** Zorg dat de styling van micro-frontends niet conflicteert, bijvoorbeeld door CSS-in-JS of Shadow DOM.
- **Authenticatie:** Centraliseer authenticatie en autorisatie, bijvoorbeeld via een gedeeld sessiebeheer of JWT tokens.
- **Monitoring en foutafhandeling:** Houd bij welke micro-frontends draaien en monitor eventuele problemen.
**Samenvatting:**
- Splits je React frontend op in onafhankelijke micro-frontends, elk met eigen codebase en deployment.
- Gebruik een shell-app met routing (bijvoorbeeld React Router) die micro-frontends laadt via dynamische import of Module Federation.
- Faciliteer communicatie via events, gedeelde state, of API’s.
- Zorg voor een flexibele deploymentstrategie, bijvoorbeeld via CDN’s en containerisatie.
- Besteed aandacht aan styling, authenticatie, en versiebeheer om alles soepel te laten werken.
Wil je een voorbeeld of specifieke tools aanbevelingen?
provider: deepseek
model: deepseek-chat
Zeker! Hier een gedetailleerde uitleg over het opbouwen van een micro-frontend architectuur met React en Node.js:
## Architectuur Overzicht
Bij micro-frontends splits je je frontend applicatie op in kleinere, zelfstandige eenheden die onafhankelijk kunnen worden ontwikkeld en geïmplementeerd.
### 1. Module-indeling
**Basisstructuur:**
```
app-shell/ # Hoofdcontainer applicatie
product-module/ # Productbeheer functionaliteit
user-module/ # Gebruikersbeheer
order-module/ # Bestelproces
shared-components/ # Gedeelde UI componenten
```
**Elke module bevat:**
- Eigen package.json met dependencies
- Isolated React componenten
- Eigen state management
- Module-specifieke styling
- Onafhankelijke build pipeline
### 2. Implementatie Strategieën
#### A. Build-time Integratie (Aanbevolen voor starters)
```javascript
// package.json in app-shell
{
"dependencies": {
"product-module": "^1.0.0",
"user-module": "^1.0.0",
"order-module": "^1.0.0"
}
}
```
#### B. Run-time Integratie (Meer geavanceerd)
```javascript
// app-shell/src/ModuleLoader.js
class ModuleLoader {
async loadModule(moduleName, version) {
const script = await import(`https://cdn.example.com/${moduleName}/${version}/index.js`);
return script;
}
}
```
#### C. Webpack Module Federation (Meest populaire aanpak)
```javascript
// webpack.config.js voor product-module
module.exports = {
plugins: [
new ModuleFederationPlugin({
name: 'productModule',
filename: 'remoteEntry.js',
exposes: {
'./ProductList': './src/components/ProductList',
'./ProductDetail': './src/components/ProductDetail'
},
shared: {
react: { singleton: true },
'react-dom': { singleton: true }
}
})
]
};
```
### 3. Routing Strategie
**Centrale Routering in App Shell:**
```jsx
// app-shell/src/App.js
import { BrowserRouter, Routes, Route } from 'react-router-dom';
function App() {
return (
<BrowserRouter>
<Layout>
<Routes>
<Route path="/products/*" element={<ProductModule />} />
<Route path="/users/*" element={<UserModule />} />
<Route path="/orders/*" element={<OrderModule />} />
</Routes>
</Layout>
</BrowserRouter>
);
}
```
**Gedeelde Router Context:**
```javascript
// shared/router-context.js
import { createContext, useContext } from 'react';
export const RouterContext = createContext();
export const useGlobalRouter = () => {
const context = useContext(RouterContext);
if (!context) {
throw new Error('useGlobalRouter must be used within RouterProvider');
}
return context;
};
```
### 4. Communicatie tussen Modules
#### A. Custom Events (Loose coupling)
```javascript
// In product-module
const publishProductSelected = (product) => {
const event = new CustomEvent('productSelected', {
detail: product,
bubbles: true
});
document.dispatchEvent(event);
};
// In order-module
document.addEventListener('productSelected', (event) => {
addToCart(event.detail);
});
```
#### B. Shared State Management
```javascript
// shared/global-state.js
import { createContext, useContext, useReducer } from 'react';
const GlobalStateContext = createContext();
export const GlobalStateProvider = ({ children }) => {
const [state, dispatch] = useReducer(reducer, initialState);
return (
<GlobalStateContext.Provider value={{ state, dispatch }}>
{children}
</GlobalStateContext.Provider>
);
};
export const useGlobalState = () => useContext(GlobalStateContext);
```
#### C. API Communication Layer
```javascript
// shared/api-client.js
class ApiClient {
constructor(baseURL) {
this.baseURL = baseURL;
}
async request(endpoint, options = {}) {
const response = await fetch(`${this.baseURL}${endpoint}`, {
headers: {
'Content-Type': 'application/json',
...options.headers
},
...options
});
if (!response.ok) {
throw new Error(`API Error: ${response.status}`);
}
return response.json();
}
}
export const apiClient = new ApiClient(process.env.REACT_APP_API_URL);
```
### 5. Deployment Strategieën
#### A. Onafhankelijke CI/CD Pipelines
```yaml
# .github/workflows/deploy-product-module.yml
name: Deploy Product Module
on:
push:
branches: [main]
paths: ['product-module/**']
jobs:
deploy:
runs-on: ubuntu-latest
steps:
- uses: actions/checkout@v2
- uses: actions/setup-node@v2
with:
node-version: '18'
- name: Install and build
run: |
cd product-module
npm ci
npm run build
- name: Deploy to CDN
uses: aws-actions/configure-aws-credentials@v1
with:
aws-access-key-id: ${{ secrets.AWS_ACCESS_KEY_ID }}
aws-secret-access-key: ${{ secrets.AWS_SECRET_ACCESS_KEY }}
aws-region: eu-west-1
run: |
aws s3 sync product-module/dist s3://my-cdn/product-module/${{ github.sha }}
```
#### B. Versionering en Rollbacks
```json
{
"modules": {
"product": "1.2.3",
"user": "2.1.0",
"order": "1.0.5"
}
}
```
#### C. Environment Configuratie
```javascript
// config/environments.js
export const environments = {
development: {
productModule: 'http://localhost:3001',
userModule: 'http://localhost:3002',
orderModule: 'http://localhost:3003'
},
production: {
productModule: 'https://cdn.example.com/product-module/latest',
userModule: 'https://cdn.example.com/user-module/latest',
orderModule: 'https://cdn.example.com/order-module/latest'
}
};
```
### 6. Shared Dependencies Beheer
**Webpack Shared Configuratie:**
```javascript
// In elke module's webpack.config.js
new ModuleFederationPlugin({
shared: {
react: {
singleton: true,
requiredVersion: dependencies.react
},
'react-dom': {
singleton: true,
requiredVersion: dependencies['react-dom']
},
'@shared/components': {
singleton: true,
import: '@shared/components'
}
}
});
```
### 7. Testing Strategie
```javascript
// shared/test-utils.js
import { render } from '@testing-library/react';
import { GlobalStateProvider } from './global-state';
export const renderWithProviders = (ui, { initialState, ...options } = {}) => {
return render(ui, {
wrapper: ({ children }) => (
<GlobalStateProvider initialState={initialState}>
{children}
</GlobalStateProvider>
),
...options
});
};
```
### 8. Monitoring en Observability
```javascript
// shared/analytics.js
export const trackModuleLoad = (moduleName, loadTime) => {
window.analytics.track('module_loaded', {
module: moduleName,
load_time: loadTime,
timestamp: new Date().toISOString()
});
};
export const trackModuleError = (moduleName, error) => {
window.analytics.track('module_error', {
module: moduleName,
error: error.message,
stack: error.stack
});
};
```
## Aanbevolen Implementatie Stappen
1. **Start met Build-time Integration** voor eenvoud
2. **Implementeer shared components library** early on
3. **Standaardiseer communicatie patterns** tussen teams
4. **Zet monitoring op** voor module performance
5. **Gradual migration** naar run-time integration
## Belangrijke Overwegingen
- **Bundle size monitoring** - voorkom duplicate dependencies
- **Cross-team communicatie** - essentieel voor consistentie
- **Backwards compatibility** - bij API wijzigingen
- **Error boundaries** per module voor fault isolation
Deze architectuur biedt schaalbaarheid, onafhankelijke deployment en team autonomy terwijl je de voordelen van een single-page application behoudt.

